De meeste mensen die deze stijl willen, hebben een keuken van drie tot vier meter wand en een doorloop naar de tuindeuren.

Goed nieuws: landelijk zit niet in de vierkante meters. Het zit in de indeling, in wat je laat zien en in wat je wegwerkt. Precies dat maakt het wel iets lastiger dan een fronten-kwestie.

Landelijk is een indeling, geen kastdeurtje

Een landelijke keuken herken je aan drie dingen die niets met kleur te maken hebben: er is één duidelijk middelpunt (vaak het fornuis), het werkblad is ruim genoeg om echt op te werken, en niet alles zit achter gladde deuren.

Dat laatste is meteen de valkuil. Open planken en zichtbare potten geven de stijl zijn karakter, maar ze geven ook rommel een podium. Vuistregel: laat zien wat je dagelijks gebruikt, berg de rest weg. Twee planken zichtbaar en de rest dicht werkt in een gewone woning beter dan een hele wand open.

De schouw is de grootste ruimtevreter

Een gemetselde of houten schouw boven het fornuis is het meest landelijke element dat er is, en tegelijk het duurste in ruimte. Hij vraagt breedte aan weerszijden en hij trekt de blik omhoog, wat in een kamer met een plafond van 2,60 meter net zo goed tegen je kan werken.

Drie manieren om het toch te doen:

  • Schouw op maat, smaller dan standaard. Je houdt de vorm, maar levert links en rechts wat in.
  • Een vlakke afzuigkap met een houten omkasting. Minder massa, hetzelfde idee.
  • Afzuiging in het werkblad. De schouw vervalt, en je zet het accent in het fornuis en de wandtegels.

Kies pas nadat je weet waar de afvoer naar buiten kan. Dat punt ligt vaster dan je denkt en bepaalt vaak waar het fornuis komt.

Bovenkastjes weglaten kan, maar reken eerst

Landelijk werkt goed zonder bovenkasten: een lange plank, wat tegelwerk erachter, en de wand blijft rustig. Voordat je die keuze maakt, tel je wat er nu in die bovenkasten staat. Dat volume moet ergens heen.

Meestal komt het antwoord uit drie hoeken: diepe lades onder het werkblad in plaats van kastjes met deuren, een hoge kast aan het eind van de rij, en een voorraadkast of bijkeuken als die er is. Lades zijn hier het sterkste middel, omdat je tot achterin kunt zonder te bukken en te graaien.

Waar de apparatuur zich verstopt

De stijl valt uit elkaar zodra er vijf glanzende fronten naast elkaar staan. Het helpt om vooraf te bepalen wat zichtbaar mag zijn.

Een fornuis mag er staan, dat is het middelpunt. Vaatwasser en koelkast verdwijnen achter een deurtje in dezelfde afwerking als de rest. De magnetron of combi-oven zet je op ooghoogte in een hoge kast, niet in de wand boven het werkblad. En een kraan in geborsteld messing of oud brons doet meer voor de sfeer dan een extra kast.

Het werkblad bepaalt hoe landelijk het blijft

Massief hout past bij de stijl en vraagt onderhoud, zeker rond de spoelbak. Keramiek en composiet zijn onderhoudsarmer en kunnen met een dikkere rand of een afgeronde neus alsnog warm ogen. Een combinatie werkt ook: hout op het eiland of de bar, een harder blad rond het water.

Denk daarbij aan de dikte. Een blad van drie of vier centimeter leest landelijker dan een strak blad van twaalf millimeter, ook als het materiaal hetzelfde is.

Voordat je gaat kijken

Neem drie dingen mee, dan wordt het eerste gesprek concreet in plaats van vaag:

  1. De wandmaten, de plafondhoogte en de plek van ramen, deuren en de afvoer van de afzuiging.
  2. Een foto van de ruimte zoals hij nu is, inclusief de aangrenzende kamer. Landelijk houdt zich niet aan de keukenmuur.
  3. De lijst apparaten die je zeker wilt. Elk apparaat kost een kast, en dat rekent vooraf makkelijker dan achteraf.

Maak je een afspraak bij Kitchen4All, dan maakt de ondernemer van die winkel een gratis 3D-ontwerp op maat. Handig bij deze stijl, want juist de schouw, de open plank en de hoogte van een hoge kast zijn dingen die je op papier lastig inschat.

Kort samengevat

Bepaal eerst het middelpunt en waar de afzuiging naar buiten kan. Tel daarna je opbergruimte na voordat je bovenkasten schrapt. Werk apparatuur weg, houd één of twee planken open en kies de dikte van het werkblad bewust. Dan blijft het landelijk, ook zonder balken.